bedragen x € 1 miljoen
begroot | werkelijk | resultaat | |
|---|---|---|---|
lasten | 357,4 | 357,1 | 0,3 |
baten | 244,9 | 250,0 | 5,1 |
totaal voor reservemutaties | 112,5 | 107,2 | 5,4 |
stortingen | 6,1 | 6,3 | -0,2 |
onttrekkingen | 11,0 | 13,3 | 2,2 |
totaal | 107,6 | 100,2 | 7,4 |
Het nettoresultaat op dit programma is € 7,4 miljoen voordelig.
€ 1,4 miljoen van dit voordeel houden we echt over, hiertegenover staan geen verplichtingen in volgende jaren. € 6,0 miljoen is projectvertraging, dit geld schuiven we door naar volgende jaren.
We geven € 2,1 miljoen minder uit aan de bijstand dan begroot
Bij de programmabegroting 2026 was er een tekort van € 3,45 miljoen begroot in 2025. Dit was op basis van de cijfers over het eerste halfjaar. We hadden te maken met oplopende klantaantallen en een oplopend gemiddeld uitkeringsbedrag. Het werkelijke tekort is € 1,35 miljoen. Dit € 2,1 miljoen lager dan begroot en komt door:
- minder groei van het gemiddeld aantal klanten. Hierdoor zijn de kosten € 1,9 miljoen lager dan begroot.
- Het gemiddelde uitkeringsbedrag per cliënt ligt hoger dan begroot, waardoor de kosten € 0,4 miljoen hoger zijn. De inkomsten uit terugvorderingen liggen wel € 0,4 miljoen hoger.
- De uitgaven Bbz zijn € 0,5 miljoen lager door lagere klantenaantallen.
- Diverse overige verschillen waardoor de kosten € 0,1 miljoen lager zijn
We geven € 0,5 miljoen minder uit aan Wmo ondersteuning
De kosten voor de Wmo ondersteuning zijn met ongeveer 5% gestegen ten opzichte van 2024. Dit komt voor ongeveer 4% door prijsstijgingen en hogere kosten per cliënt. 1% komt door toename van het aantal cliënten. Dit is beperkt gezien onze stad sneller vergrijst. In de begroting houden we daarom jaarlijks rekening met ongeveer 3% volumegroei. Door de lagere groei houden we € 0,5 miljoen over.
We geven € 0,7 miljoen minder uit een re-integratie en aan kwijtschelding
De kosten voor beschut werk zijn € 0,2 miljoen lager. Dit komt door een minder grote stijging van het aantal beschut werkplekken dan verwacht. Verder zijn de kosten van het traject INTO-WORK € 0,2 miljoen lager. Verder zijn de kosten voor kwijtschelding € 0,3 miljoen lager.
We ontvangen € 0,4 miljoen inkomsten voor de opvang van Oekraïners
Het uitgestelde groot onderhoud aan het Alnovum is uit de normvergoeding voor de opvang van Oekraïners betaald. Hiervoor hadden we ook extra budget gereserveerd. Deze reservering kan vrijvallen.
We krijgen € 1 miljoen meer gemeentefonds voor meerkosten sociaal domein
Bij de decembercirculaire hebben we in totaal € 1 miljoen extra gemeentefonds gekregen voor meerkosten in het sociaal domein. Het gaat hierbij om meerkosten van de Oekraïners en asielzoekers. De kosten hiervan zitten op verschillende onderdelen binnen het sociaal domein.
We geven € 0,4 miljoen meer uit aan de bijzondere bijstand
Bij de Programmabegroting 2026 is als gevolg van de steeds verder stijgende uitgaven voor bijzondere bijstand het budget met € 0,9 miljoen verhoogd. De uitgaven zijn verder gestegen met € 0,4 miljoen. Belangrijkste oorzaak is de instroom van jongeren die op zich zelf zijn gaan wonen en beroep doen op de bijzondere bijstand om te voorzien in hun levensonderhoud. Dit gaat vooral om jonge statushouders. Jongeren krijgen via de bijstand alleen de jongerennorm uitgekeerd. Dit is niet voldoende om in de kosten van levensonderhoud te voorzien. Daarnaast krijgen deze jonge statushouders ook een vergoeding voor de inrichtingskosten. Dit loopt via de kredietbank (lening). Maar omdat zij de lening niet volledig kunnen aflossen wordt een deel van de aflossing via de bijzondere bijstand betaald. Omdat de jongerenbijstand per 2026 gefaseerd overgaat naar de reguliere bijstand verwachten we dat het tekort de komende jaren zal afnemen.
We geven € 0,9 miljoen meer uit aan lokaal maatschappelijke opvang
€ 0,3 miljoen zijn hogere kosten voor gezin/doorstroomlocaties en tussenvoorzieningen. Dit komt door extra kosten voor onderhoud en reparaties en niet ontvangen eigen bijdrage. Deze kosten zijn structureel. De begroting van 2026 en verder is met dit bedrag verhoogd. Verder zijn de kosten € 0,6 miljoen hoger doordat er aanvullende afspraken met partners zijn gemaakt. Het gaat om: hogere kosten schakelteams, maatwerkafspraken zoals extra opvanglocaties op de Doenersdreef, extra kosten trainingshuizen, extra crisisplekken en crisismaatregelen.
We geven € 2 miljoen meer uit aan apparaatskosten op diverse onderdelen
Ten eerste zijn de kosten van de Wmo consulenten € 0,7 miljoen hoger dan begroot doordat meer ondersteuning nodig was. Ook geven we € 0,6 miljoen meer uit aan de regionale Wmo. Verder is er een tekort van € 0,55 miljoen op de uitvoeringskosten inburgering. Daarnaast zijn er nog diverse voordelen en nadelen die optellen tot € 0,15 miljoen aan hogere uitgaven.
We houden € 6 miljoen over op taken waarvoor het budget in volgende jaren nodig is
€ 2,8 miljoen was al bekend bij de vierde kwartaalrapportage 2025. Dit geld is al doorgeschoven. Hier komt nog € 3,5 miljoen projectvertraging bovenop. Dit geld is doorgeschoven via de eerste kwartaalrapportage 2026. In de totaalrekening en de kwartaalrapportages is dit verder toegelicht. Het gaat hierbij om:
- € 3,1 miljoen Flevoland Werkt!, door vertraging op diverse projecten en programma's. Dit is € 1,5 miljoen meer dan verwacht bij de vierde kwartaalrapportage.
- € 1,3 miljoen bestedingsplan POK. Dit komt doordat het opzetten van de lijnen langer duurt dan verwacht. Dit geld voor lijn 3, waarbij het doel is om de dienstverlening te verbeteren. En bij het opzetten van zes financiële teams en versterken van de wijkteams.
- € 0,5 miljoen implementatie Participatiewet in balans, omdat de implementatie in meerdere jaren plaatsvindt.
- € 0,5 miljoen op de Hotel accommodatieregeling (HAR), dit geld ontvangen we van het Rijk voor de tijdelijke opvang van vergunninghouders in hotels, om daarmee de asielopvang te ontlasten. Omdat de kosten doorlopen in 2026 hebben we dit geld via de kwartaalrapportage doorgeschoven naar 2026 (projectvertraging).
- € 0,3 miljoen voor de verbetering van de werking loonkostensubsidie (forfaitair), de kosten hiervoor worden grotendeels in 2026 gemaakt.
- € 0,2 miljoen impulsbudget arbeidsmarktregio's.
- € 0,1 miljoen Stadspas doordat in 2025 alleen de zomereditie is uitgevoerd.
Bruto afwijking: hogere kosten en inkomsten KOT gedupeerden
De kosten voor de hulp aan KOT gedupeerden zijn € 0,8 miljoen hoger. Hiervoor ontvangen we ook € 0,8 miljoen extra inkomsten van het Rijk. In totaal is dit neutraal.
Bruto afwijking: Regionale Wmo (exclusief apparaat)
bedragen x € 1 miljoen
toelichting | bedrag |
|---|---|
lagere kosten beschermd wonen en transformatiefonds | 2,3 |
hogere kosten Maatschappelijke- en vrouwenopvang | -4,5 |
hogere lasten IZA en proeftuin toekomstscenario | -2,1 |
subtotaal hogere lasten | -4,3 |
hogere baten IZA proeftuin en toekomstscenario | 2,1 |
hogere onttrekking reserve regionale Wmo | 2,2 |
nettoresultaat regionale Wmo | 0,0 |
In totaal zijn de afwijkingen neutraal omdat de kosten uit de reserve regionale Wmo worden gedekt.
De kosten voor beschermd wonen zijn lager door een lagere bezetting. De kosten voor maatschappelijke opvang zijn € 3,1 miljoen hoger door hogere kosten Almere Poort (dure locatie), hogere kosten bemoeizorg en hogere kosten winterkoude opvang. De kosten vrouwenopvang zijn € 1,4 miljoen hoger door meer meldingen Veilig thuis, de proeftuin toekomstscenario en diverse andere kosten.
€ 2,1 miljoen aan kosten voor IZA en proeftuin toekomstscenario zijn niet begroot. Hiertegenover staan ook hogere baten. Het geld voor de IZA wordt verdeeld naar de verschillende Flevolandse gemeenten. Dit kan lokaal worden ingezet. Wij betalen hieruit de kosten voor Positief Gezond Almere. Verder worden coördinatiekosten betaald, zoals de projectleider en de inzet in het netwerkbureau.
Per saldo resteert een tekort van € 2,2 miljoen dat gedekt wordt door een hogere onttrekking uit de reserve Regionale Wmo.
